Maria Roosen / 2006

Biografie

Maria Roosen (Oisterwijk, 1957) volgt van 1976 tot 1981 de Tehatex-opleiding aan het Moller Instituut in Tilburg en studeert aansluitend tot 1983 aan de Kunstacademie Arnhem. Ze wordt in 1995 uitgenodigd voor deelname aan de Biënnale van Venetië. Sindsdien heeft ze tal van solo-en groepsexposities gehad in binnen- en buitenland. Roosen is (gast-)docent aan verschillende Nederlandse kunstopleidingen; daarnaast is ze docent aan de afdeling Glas van de Gerrit Rietveld Academie in Amsterdam.

Motieven in glas

Roosen creëert sculpturen, installaties en conceptuele kunst. Haar objecten zijn veelal gemaakt van glas en keramiek, maar ze gebruikt ook hout, textiel en andere materialen. Terugkerende motieven zijn onder andere trossen bessen, melkkannen, bouwstenen, halskettingen, rozenkransen, ladders en borsten. Haar kunstwerken hebben vaak een zinnelijke uitstraling, onder meer door de vormen van borsten, billen en piemels, zoals bij Boomsieraad in het Sprengenpark. Daarnaast maakt ze ook manshoge eenpersoonskapellen met het golvende silhouet van een matroesjka, waarvoor ze hele boomstammen bewerkt.

Tools for feelings

Ze beschouwt haar werken als Tools for feelings, gereedschappen om gevoelens mee uit te drukken. Gevoelens die voor iedereen herkenbaar zijn en als wezenlijk worden ervaren: het wonder van vruchtbaarheid, geboorte en leven, de kleur en kracht van groei en bloei, de energie van liefde en ontmoeting, maar ook het proces van rouw en verlies. Ze werkt graag met glas, omdat dit materiaal van nature een zekere vloeibaarheid en transparantie heeft. “Glas is gestolde energie, kwetsbaar en sterk net als het leven en de liefde zelf”, zegt ze daarover. Om haar werken te realiseren, werkt ze haar hele carrière al samen met andere makers zoals timmerlieden, breisters en glasblazers. Ze omschrijft dit zelf als ‘de 1 + 1 = 3 formule’: samen wordt het altijd beter.

Lees meer over Maria Roosen.

foto: Cees de Vries
Beeld Sprengenpark

Boomsieraad (BorstLulKont) | 3 december 2008

Boomsieraad (Borstlulkont), gemaakt van roestvrij staal, glinstert tussen de takken van een acaciaboom. In eerste instantie zie je aan een boomtak een net hangen, gevuld met fonkelende, spiegelende vormen. Daarna ontwaar je de details en zie je dat het borsten, billen en piemels zijn. Roosen vindt het belangrijk dat het werk meerdere lagen heeft en niet eenduidig is. Voor dit werkt heeft ze samengewerkt met de gebroeders Slegers, zonen van kunstenaar Piet Slegers – winnaar de Wilhelminaring in 2011.

Verloren en gevonden

In christelijk-politieke kringen van Apeldoorn zorgt haar ontwerp vooraf voor de nodige ophef, maar na plaatsing vallen de reacties uiteindelijk wel mee. Het kunstwerk wordt in 2017 gestolen; waarschijnlijk willen de dieven het roestvrij staal hebben, hoewel dat weinig waard is. Het kunstwerk wordt begin 2019 zwaar beschadigd opgevist uit het Apeldoorns Kanaal. Delen daarvan heeft ze in een nieuw kunstwerk gebruikt, dat sinds september 2019 weer in dezelfde acaciaboom hangt te glimmen.

Boomsieraad is samen met de beelden van de overige winnaars te zien in het Apeldoornse Sprengenpark (Sprengenparklaan, tussen de Asselsestraat en de John F. Kennedylaan). Een overzicht van deze beelden vind je op de plattegrond, waar ook een korte wandelroute op is aangegeven.

foto: Gerrit Schreurs
Ring

Ring voor Wilhelmina of Maria

De in Apeldoorn gevestigde goud- en zilversmid Cees de Vries (1951–2020) krijgt de opdracht om naar eigen inzicht een ring te ontwerpen; wie de winnaar van deze ring is, is op dat moment nog niet bekend. Hij maakt een dynamische ring bestaande uit goud, witgoud, zilver, titanium en perspex, die op diverse manieren gedragen kan worden. Typerend voor dit en andere ontwerpen van De Vries zijn de strakke vormen en lijnen. Wanneer de losse elementen van dit ontwerp in een specifieke volgorde in de ring geplaatst worden, ontstaat de letter ‘W’, van Wilhelmina. Omgekeerd is dat de letter ‘M’, de beginletter van de voornaam van de, naar later blijkt, winnaar van deze ring.

foto: Cees de Vries
Gedicht

Leefbare vrucht

Sommige vruchten vallen nooit
en blijven altijd leefbaar.
Hangend in de nachtboom,
die door ons allen groeit, wiegen zij
in hun zijden, levensdraden net,
streelbaarste verschijning van ons
uit de hoogtijdagen van ons lichaam,
dierbaarste ledematen van ons
in hun maanzilver lachen,
intiemste plekken van ons
uit de tijd van ons leven.
Licht klingelen zij in de nachtwind.
Zon vangen zij uit onze dagen van ooit.
Sommige vruchten vallen nooit
en blijven altijd leefbaar.

Paul Hermans (1953)

Jury

Liesbeth Brandt Corstius, Hendrik Driessen, Jan Houwert, Rob Voerman en Albert van der Weide.

Foto: Courtesy Galerie Fons Welters
Foto: Courtesy Galerie Fons Welters
Foto: Courtesy Galerie Fons Welters
Foto: Gerrit Schreurs
Foto: Peter Cox
Foto: Courtesy Galerie Fons Welters
Foto: Courtesy Galerie Fons Welters
Foto: Courtesy Galerie Fons Welters